In de krochten van een bank
Tientallen bankmedewerkers keken mij lachend aan van hun fotootjes, drie hoog aan de muur ergens in het binnenste van het Utrechtse hoofdkantoor van een grote bank. Wat kon ik anders doen dan kijken naar die afdelingsportretjes nu de manager die ik moest interviewen foetsie was. Verderop probeerde een zenuwachtige communicatiemedewerker hem op te sporen.
Stress volop, maar niet bij mij. Dat begon al toen ik aankwam. De weg naar de bank was afgezet, dus parkeerde ik mijn auto een halve kilometer verder. Ongeveer tien minuten te laat meldde ik mij bij de receptie.
De communicatiemedewerker die mij kwam halen, was gepikeerd. “Je bent te laat”, zei hij belerend.
“De weg was gestremd”, zei ik. Waarna hij vond dat ik dan had moeten bellen.
“Ik heb je nummer niet gekregen van de redactie”, wimpelde ik de volgende aanval af.
Daarna brak een koddig half uurtje aan, want de strenge communicatiemedewerker kon de manager in kwestie niet vinden. Met een lift waren we naar drie hoog gegaan, eerst de verkeerde gang in, daarna de goede, maar uiteindelijk zonder resultaat.
Zo stond ik dan bij die muur met vrolijke portretjes, terwijl de communicatiemedewerker in een kamertje verderop zenuwachtig aan het bellen was.
De manager bleek in een belendend pand. De communicatiemedewerker troonde mij mee, opnieuw door gangen en langs kleine kamertjes met bankemployees, en probeerde binnendoor te gaan. Zijn plan mislukte. Hermetisch gesloten draaideuren weigerden mijn doorgang. Ik had niet het juiste pasje.
Even later liepen we onder de brandende zon, langs het voorbij razende verkeer buitenom naar het andere gebouw, pal langs een bouwput. In gebouw nummer twee bleek ik niet te zijn aangemeld, dus ik mocht niet naar binnen. Maar als de communicatiemedewerker mij begeleidde, mocht het voor deze ene keer wel.
De manager in kwestie was een vriendelijke vijftiger die het allemaal best vond. Hij draaide zijn verhaal af, terwijl de communicatiemedewerker op adem kwam. Maar niet voor lang, want de telefoon ging en hij moest weer in de benen. De fotograaf was gearriveerd, die moest hij ook ophalen.
Bij terugkomst moest hij mij weer wegbrengen, want ik was klaar en mocht alleen vertrekken onder begeleiding. Ik houd van onherbergzame gebieden. Vandaag ben ik aan mijn trekken gekomen in dit imposante kantoor. Je zal er maar moeten werken.
